← Terug naar de hoofdlijstCoenraad Jacob Neuman
Geslacht: Man
Geboren: in 1765 te onbekend
Overleden: 26 nov 1847 te Utrecht
Beroep: Belastingcollecteur / Horlogemaker
Vader: Onbekend
Moeder: Onbekend
Biografie / Aantekeningen
De Utrechtse "Oranjetijd": Coenraad als Belastingcollecteur:
In de Utrechtse stadsarchieven duikt Coenraad Jacob Neuman op in een heel bijzonder document uit 1785. Hij nam in dat jaar een officiële en deftige aanstelling aan als collecteur (belastinginner) in Utrecht. [1]
Zijn functie:
Hij was verantwoordelijk voor het innen van het zogenaamde dienstboden- en paardengeld en het koffie- en theegeld in de compagnie “De Oranjestam”. Ook mocht hij de accijnzen op boter en de waag innen. Koffie, thee en paarden waren in 1785 enorme luxeproducten; degene die dit geld mocht innen, was een man van aanzien en vertrouwen in de stad. [1]
De link met de adel:
Om deze functie te mogen uitvoeren, moest er een gigantische borgsom van maar liefst 2.000 gulden worden betaald (een fortuin in die tijd). Niemand minder dan de hoogadellijke Van Reede van Amerongen van Athlone (de heren van Kasteel Amerongen) stelde zich hiervoor persoonlijk borg met een Utrechts huis als onderpand! Coenraad Jacob was dus zeer goed verbonden met de Utrechtse elite en de 'Orangisten' (de aanhangers van de Prins van Oranje). [1]
Het huis "Achter het Stadhuis" verklaard
Zijn dochter Alida en schoonzoon Barend hebben kennelijk een privéschool gehad in de straat "Achter het stadhuis 11" Dit verklaart ook meteen waarom het huis groot was,
De families Neuman en Terschegget behoorden tot de gegoede Utrechtse burgerij (de bourgeoisie). Het feit dat Coenraad Jacob zulke hoge connecties had én belastingcollecteur was, betekent dat er geld was. Toen zijn dochter Alida Maria Wilhelmina Neuman in 1831 met Barend Terschegget trouwde, bracht zij deze status mee. Een groot pand achter het stadhuis was voor dit soort families dé manier om hun positie te tonen én er hun respectabele banen (zoals de school) uit te oefenen. [1]
De Franse connectie, de Waalse kerk en Johanna van Nell (van Kell):
Wat het sfeerverhaal compleet maakt, is dat hun kinderen (waaronder de zus van Alida, Anna Magdalena) begin 19e eeuw in de Waalse Kerk van Utrecht werden gedoopt. De Waalse Kerk was de kerk van de Franstalige protestanten in Nederland.
Dit sluit aan bij het feit dat dochter Alida later lerares werd. In die tijd leerde de Utrechtse elite hun kinderen vloeiend Frans. De liefde voor de Franse taal en het onderwijs is dus waarschijnlijk door Coenraad Jacob en Johanna van Nell met de paplepel ingegoten. [1]
1. Waar woonden Coenraad en Johannaze in Utrecht?
Coenraad Jacob en Johanna woonden in het hart van de oude Utrechtse binnenstad. Rond 1785-1799 woonden en werkten zij in het Ridderschapkwartier. [1]
Het adres: De documenten wijzen erop dat zij woonden in een statig pand in de Ridderschapstraat en/of vlakbij het Oudkerkhof, mogelijk zijn ze van de ene naar de andere straat verhuisd.
De sfeer:
Dit was (en is) een van de meest chique en historische delen van Utrecht, vlak achter de Dom. In dit kwartier stonden de grote stadshuizen van de adel en de vermogende burgers. Het feit dat Coenraad hier woonde en werkte, toont aan dat de familie destijds tot de maatschappelijke bovenlaag van de stad behoorde.
2. De Hugenoten
Hugenoten waren Franse protestanten die in de 17e en 18e eeuw Frankrijk moesten ontvluchten vanwege felle religieuze vervolgingen (vooral na het intrekken van het Edict van Nantes in 1685). Veel van deze vluchtelingen waren hoogopgeleid: ambachtslieden, horlogemakers, artsen en intellectuelen.
Toen zij naar Nederland kwamen, richtten zij hun eigen kerkgemeenschappen op:
De Waalse Kerken (waar puur in het Frans werd gepreekt). Dat de kinderen van Coenraad Jacob en Johanna – zoals dochter Anna Magdalena in september 1799 – in de Waalse Kerk van Utrecht (aan de Pieterskerkhof) zijn gedoopt, bewijst direct hun actieve band met deze Frans-protestantse gemeenschap. [1]
3. De Franse elite en het horlogemakers-ambacht
De horlogemakers:
Franse Hugenoten stonden in heel Europa bekend als meesters in de fijnmechanica, het maken van klokken en horloges. Dit ambacht werd generatie op generatie binnen de Waalse families doorgegeven.
De lerares Frans:
Omdat de taal binnen deze Waalse/Hugenoten-familie generaties lang Frans was (of met grote trots werd onderhouden), is het volkomen logisch dat hun dochter Alida Maria Wilhelmina Neuman later lerares werd. Zij had de Franse taal en cultuur simpelweg van thuis uit meegekregen. [1, 2]
Een levend familie-erfgoed
Alida Maria Wilhelmina Terschegget (geboren in 1835), die in dat grote huis Achter het Stadhuis 11, droeg dus het bloed in zich van een trotse Franse vluchtelingenfamilie die zich had opgewerkt tot de Utrechtse elite. [1, 2]
3. De storm van de Franse Revolutie en Napoleon
De Patriottentijd (1785): Zoals we zagen, werd Coenraad Jacob in 1785 aangesteld als collecteur voor "De Oranjestam", gesteund door de pro-Oranje graaf van Athlone. Coenraad en Johanna stonden dus openlijk aan de kant van de Prins van Oranje (Stadhouder Willem V). [1]
De Franse inval (1795):
Slechts tien jaar later, in 1795, vielen de Franse revolutionaire troepen Nederland binnen. De Bataafse Republiek werd uitgeroepen en de aanhangers van Oranje verloren in één klap al hun privileges, banen en status. Coenraad verloor zijn deftige collecteursambt. Dit verklaart waarom hij in latere documenten plotseling te boek staat met simpelere ambachten (zoals het horlogemaken).
Het doopjaar 1799:
Midden in deze chaos en politieke ommekeer, in september 1799, lieten Coenraad en Johanna hun dochter Anna Magdalena dopen in de Waalse Kerk. Terwijl de Franse bezetter in de stad de dienst uitmaakte, zochten zij hun toevlucht in de rust van hun vertrouwde, Franstalige geloofsgemeenschap. [1]
Relatie 1Partner: Johanna van Kell
Gehuwd : 24 mei 1790 te Utrecht
Kinderen uit deze relatie:
Alida Maria Wilhelmina Neuman (*24 maart 1802)
Anna Magdalena Neuman (*8 sept 1799)
Anthonie Johannes Neuman (*20 april 1797)
Antoinetta Neuman (*21 sept 1793)